O.B.S.De Vlieger

De Vlecke 30, 8401 SL Gorredijk
Tel: 0513-462162, e mail: info@devliegergorredijk.nl
header

Historie van Gorredijk

 

De Historie van Gorredijk

 

Van oudsher heeft Gorredijk altijd kunnen bogen op een imago van gezelligheid, activiteiten en saamhorigheid. Dit is bv. bij het 375- jarig bestaan van de vlecke weer overduidelijk geworden. Een volksfeest en gemeenschapszin van de eerste orde.
Gorredijk bouwt aan zijn toekomst. Woningen verrijzen, nieuwe industrieën dienen zich aan en middenstanders vestigen en/of verbeteren zich. Niet alleen worden plannen gemaakt en ideeën geopperd, er wordt ook uitvoering aan gegeven. Zo is in 2005 de nieuwe Burgemeester Harmsmaschool geopend. De praktijk van de doktoren en apotheek naderen hun voltooiing, plan Trimbeets, Storklokatie, Loevestein, Schansburg, de Kuper en rond het marktterrein is volop beweging. Vergeten we vooral de "Turfroute" niet. Duizenden recreanten bezoeken jaarlijks Gorredijk en proeven sfeer en gezelligheid en ontmoeten vriendelijke mensen. Men vindt hier een bloeiend verenigingsleven, waar jaarlijks nieuwe verenigingen bijkomen.

lets uit de historie

Heel lang geleden moet het er hier heel anders hebben uitgezien.
Uitgestrekte hoogveengebieden bedekten Zuidoost- Friesland. Dit veen werd later afgegraven en deze" industrie" trok heel wat mensen naar deze toen schaars bevolkte streken. De oorspronkelijke bewoners waren boeren, die leefden van de landbouw. Zij verbouwden: boekweit, haver, rogge, erwten, bonen, vlas en kruiden. Verder hielden ze schapen en bijen. Koeien werden nog maar weinig gehouden.

De Kortezwaagster boeren zullen misschien hun hooi voor een deel hebben gehaald uit de lage landen tussen Tijnje en Terwispel. Ze zullen ook wel stukjes heide hebben ontgonnen in en bij de Gorrevenen, die in de richting van het huidige Jubbega gelegen waren. Deze Gorrevenen werden in de zeventiende eeuw door de Heren Compagnons afgegraven. Vooral Jonker Dekema had hier veel bezittingen. Jonkersland had ook Dekema' s land kunnen heten.

Voor het vervoer van turf was een kanaal nodig. In 1622 was dit er nog niet, maar in 1630 wordt het genoemd. Het doorgraven van de Hegedyk omstreeks 1631 wordt beschouwd als “beginpunt” van de veenkolonie Gordyk. Er kwam dus een kanaal naar de Gorrevenen. Er was een huis bij de "Hooge wech" , dat spoedig gevolgd werd door meerdere. Over het gat in de dijk kwam een hooghout, waar de turfscheepjes met gestreken mast onderdoor kunnen varen. In 1633 is sprake van: "Seeckere huijs ,seuen roede lang en twee voet breet, staende te corteswagen bij de hoogewech en de Heerensloot" Dit was het begin van Gorredijk!

Voor Kortezwaag is een dergelijke ontwikkeling niet aan te wijzen.

In de twaalfde eeuw was er een kerkklok. Deze werd in 1896 te koop aangeboden en is nu in het Rijksmuseum te vinden. Bij deze klok zal hoogstwaarschijnlijk wel een kerk hebben gehoord! Kortezwaag is door de eeuwen heen een agrarisch dorp gebleven.

Het inwonertal van Gorredijk werd steeds groter. Het ontwikkelde zich tot een middenstandsdorp van betekenis. Niet vergeten mag worden te wijzen op de belangrijke plaats, die de Joden hebben ingenomen. Nu resten ons slechts een gedenksteen in het winkelpand op de hoek van de Hoofdstraat en de Kerkewal en de Sjoelstrjitte, welke herinnert aan de synagoge, die eens aan de Langewàl heeft gestaan, maar die helaas na de tweede wereldoorlog moest worden afgebroken.

 

In 1672 kreeg Gorredijk een schans; de kosten hiervan mochten de inwoners zelf betalen! Het kulturele centrum" De SKANS" , net buiten de vroegere grachten gelegen, herinnert er nog aan.

    

Gorredijk heeft vanaf 1683 zijn eigen Nederlands Hervormde kerk en mag vanaf 1694 elke woensdag een weekmarkt houden. De bekende woensdagmiddagmarkt is een overblijfsel van de vroegere week­markt. Vanaf die tijd stamt ook de voorjaars-en najaars veemarkt, waarbij respectievelijk de koeien van stal of op stal moesten. De boeren brachten toen hun boter naar de Boterwaag, nu kantoor, en hun granen naar de Korenbeurs. De­ze laatste is lang een herberg geweest, maar thans opgenomen door Van Campen en Dijkstra aan de Brouwerswal hoek Hoofdstraat. Met de groei van de plaats hield de industrie gelijke tred.
Er zijn hier drie scheepswerven, een touwslagerij en twee kalkovens ge­weest.

De zes molens, hier omstreeks 1900 nog aanwezig, waren:

 

De graanmolen "De Morgenster" op het terrein van de Metaalindustrie De Jong B.V.
Een houtzaagmolen aan de Molenwal van Van der Sluis en Posthuma (deze molen staat thans in Makkinga).
De tweede graanmolen, aan de Molenwal.
Een runmolen, waar men eikeschors maalde tot run voor de leer looierij, stond aan de Kerkewal.
De derde graanmolen "De Vlieger" stond aan het einde van de Brouwers­wal.
Waar thans een weg langs de Miente voert, stond de graanmolen "De Hoop" . De weg is hier naar genoemd.Vijf stoombootdiensten waren hier gevestigd, anderen deden Gorredijk aan, terwijl een veertigtal vrachtrijders er voor zorgden, dat de goederen naar en uit de plaats werden vervoerd.

Zo was het vroeger.                                                         

Nu zien we hoe industrieën zich hier hebben gevestigd, waar veel inwoners zich een bestaan weten te verwerven. Inwoners, die hier leven en werken, zich ontspannen en die zich hier thuis voelen.
Van een Kortezwaag en een Gorredijk is geen sprake meer. De nieuwe grenzen liggen kris - kras over de oude grenzen heen. Het spreekt dan ook vanzelf, dat de twee vroegere woonkernen: het dorp Kortezwaag en de vlecke Gorredijk tot één zijn samengegroeid, die de naam draagt: Gorredijk.